Verslag Embrunman, triatlon 15 augustus 2008

De triatlon van Embrun leerde ik als broekie kennen tijdens mijn vakantiebaantje als kayak en kliminstructeur hier vlakbij. Stoere verhalen over 's werelds zwaarste triatlon met 5000 hoogtemeters tijdens het fietsen waren indrukwekkend genoeg om mezelf voor te nemen ooit deze zelf eens te doen. Dit idee werd natuurlijk alleen maar sterker toen we in 2000 op 10 minuten wandelen van de start gingen wonen. In 2004 zou het gaan gebeuren, een goeie voorbereiding met een laatste lange training op 1 augustus. Die dag liep even anders, in de afdaling van col de Angel waren de auto die omhoog reed en ik als dalende fietser even op hetzelfde moment op dezelfde plaats. De herstelperiode met veel restauratie werkzaamheden nam 3 jaar in beslag. Vervolgens kwam de behoefte om daar waar ik aan begonnen was, verder af te maken. De trainingsintensiteit werd flink opgevoerd de afgelopen winter, waarbij vooral het zwemmen en fietsen een goede progressie hadden. Het hardlopen bleef kwakkelen. Na het ongeluk waren er telkens blessures waarbij ik maar niet de oplossing vond om ze te voorkomen. Uiteindelijk was de keuze begin juni om maar 1 keer per week een rustige lange duurloop te doen de juiste om blessure vrij te blijven.



Het is 4 uur in de ochtend op de 15de als Ilse en ik wakker worden van een enorme onweersklap die doet twijfelen aan de stevigheid van onze oude boerderij. Mijn staat van alertheid is optimaal. Hebben we brand ? Zou de start wel doorgaan ? Is er nog wel stroom op de camping ? Wat gebeurt er met 1100 triatleten die in het water liggen als de bliksem inslaat ? Ze stellen het vast een dag uit……….We zetten de radio aan tijdens het ontbijt om daar de bevestiging van te krijgen, maar die blijft uit. De regen komt nog telkens met bakken uit de lucht en ik besluit om in mijn wetsuit naar de start te wandelen. Daar zijn de voorbereidingen in volle gang, het wordt droog en het gaat er op lijken dat we echt gaan starten. Als ik me aansluit in de start rij sta ik naast Jody en Jeroen Schinkel, kampeerders en ervaren triatleten die samen met pa Jan de uitdaging aangaan. Klokslag 6.00 uur stormen 1100 pinguïns het water in vechten zich naar de eerste boei. Geen idee waar die ligt, dus ik ga mee in de meute. Na driekwart van de eerste ronde komt er meer ruimte en kan ik vrijuit zwemmen. Na 1 uur en 5 minuten zitten de eerste 3.8 km er op, de bewolking is open gebroken en er zijn grote blauwe stukken aan de hemel. Als positieve denker verwacht ik dat dit doorzet en fiets weg zonder thermo shirt en armstukken. De eerste lus van 40km gaat soepel, na 1 ½ uur passer ik de rotonde naar les Orres. De spirit is goed en het voelt sterk. Door de kloof van de Queyras gaat het een beetje moeizaam, het wordt kouder en er zijn veel die me voorbij gaan. In de klim naar de col d'Izoard kan ik aardig mijn krachten verdelen maar het geeft niet een sterk gevoel. Boven op is het hectisch, ik tank drank en voeding om de afdaling zo snel mogelijk te beginnen. Een mouwloos regenjasje en een krant moeten me beschermen tegen de kou en het spatwater op de weg. De blote delen zijn bij de eerste bocht al nat en koud. Ik dwing mezelf om me erg goed te concentreren en de afdaling snel te nemen zodat die kou minder lang hoef te verdragen. Halverwege begint het klappertanden, mijn handen zijn stijf van de kou en het remmen wordt een spannende onderneming. In Briançon, onder aan de afdaling lijkt het leed geleden. Dit gevoel is echter maar tijdelijk, het begint te regenen en vervolgens te hagelen. Van die grote knoepers stuiteren op m'n blote armen en doen pijn in m'n gezicht. Het afzien geeft me echter energie en de kracht in de benen komt terug. De muur van Pallon gaat relatief soepel. Mijn handen zijn echter nog telkens erg koud en er is geen controle om een energiereep te pakken en open te maken. Ook bij het schakelen is het telkens onzeker of de vingers dat doen wat er tussen de oren bedacht werd. Bij de bocht van Reotier, waar het hellingspercentage en de wind hand in hand gaan, sta ik bijna stil. Vervolgens gaat het weer iets beter en ben ik bij de passage van de pont Neuf (Baily brug ) helemaal verrast, 7 uur gefietst, dwz 15 minuten sneller dan de vorige twee keer. In de laatste klim naar Chalvet warm ik een beetje op. Hans en Netty zitten voor hun huis waarvan ik profiteer om mijn jasje en de krant op mijn buik af te geven en te vragen om een reepje open te maken. Tijdens de zeer moeizame klim stijgt m'n fysieke temperatuur waarmee het vertrouwen groeit dat het bij de wissel gaat lukken om de veters te strikken van m'n loopschoenen. De aanmoedigingen in de wisselzone zijn geweldig en zeer motiverend. Na de eerste stijve loopmeters gaat het redelijk soepel. Het tempo is niet hoog en bij iedere klim is wandelen sneller. De begeleiding van Ilse en de vele aanmoedigingen langs de weg motiveren me om door te gaan, terwijl aan de kant het lijf, vooral mijn benen en mijn maag, schreeuwen om te stoppen. Na het eerste rondje komt de overtuiging; wat er ook gebeurt, ik loop hem uit. Als ik nu nog zou stoppen zou al het lijden van de laatste uren, voor niets zijn geweest. Zeer gedetermineerd stel ik korte termijn doelen, met dank aan leermeester Joe Simpson, en ben tevreden als ik die haal en boos op mezelf als het dreigt te mislukken. Het wandelen op de klimmetjes is telkens de beloning waarbij de overtuiging groeit. Op creatieve wijze worden mij door de supporters gels toegestopt om het energie niveau op pijl te houden. Eindelijk is daar dan de lange afdaling van Baratier naar het plan d'eau. Tijdens dit laatste rondje om dit mooie zwemwater begint het genieten weer. Ik besef hoe fantastisch het is om nu te finishen daar waar ik in 2004 aan begonnen was. Het is onbeschrijfelijk hoeveel geluk ik gehad heb, door menselijk ingrijpen leef ik nog, door medisch ingrijpen functioneer ik nog en door heel veel liefde van Ilse, Stefanie, Tessa, vrienden en familie kan ik weer zijn wie ik graag ben. Dit hoofdstuk is afgesloten, de cirkel is rond voor startnummer 360 en een lang gekoesterde wens is in vervulling gegaan. De laatste kilometers kosten geen moeite meer, 13 uur en 45 minuten nadat we in het water plonsden ren ik hand in hand samen met Ilse over de finish. Bedankt lief.



Bert
21 augustus '08