Fotoalbum Triathlon avontuur zomer 2010
15 augustus 2010 deden Bert en Ilse allebei mee aan de jaarlijkse triatlon van Embrun. Bert durfde Ironman nog een keer aan: 3,8km zwemmen, 188km fietsen, 42 km hardlopen. Nadat hij vorig jaar bij het lopen uitgestapt was, kwam in november 2009 alweer het besluit dat hij zo zijn triatlon carrière niet af wilde sluiten…. Een jaar voorbereiding volgde.
Ilse nam haar besluit pas begin juni 2010 om deel te nemen aan de Olympische afstand, oftewel de kwart triatlon: 1,5 km zwemmen, 44km fietsen, 10km hardlopen. De sportieve doelen waren gesteld, een campingseizoen met veel trainingsuitjes op de fiets, op de loopschoenen of in het zwempak stond voor de deur. Hoe ze het er hebben afgebracht kan je lezen in een persoonlijk verslag.
Iron man
Het is een vreemd gevoel die laatste 2 weken voor een wedstrijd. Alle grote trainingsarbeid is achter de rug en het afbouwen voor een maximaal herstel kan beginnen. Kleine pijntjes manifesteren zich opeens en het lichaam heeft minder slaap nodig. De rustdagen voelen erg onwennig en de trainingen die er nog wel zijn doen maar flauwtjes een appel op wat het lijf echt kan. Gelukkig is er dan nog het werk op de camping, deze afleiding zorgt er voor dat de twijfel niet te hard toe slaat en de onrust zo in toom gehouden kan worden. Op de camping staan ook veel andere triatleten. De Schinkelmannen, vader Jan met zonen Jeroen en Jody zijn ervaren atleten, we ouwehoeren veel over het weer op de 15de, de fysieke ongemakken deze laatste dagen en hoe kom je een dag door als je niet mag trainen. Laurens Miserus is ook eentje voor de lange afstand. Hij studeert in Utrecht, is voorzitter van de studentenraad en is triatleet. Een echte contradictio in terminus. Hij traint niet met ons, eet 3 keer een normale portie en slaapt met een vriendin in de tent die niet zijn vriendin is. Verder is hij aardig en een goeie kerel.
Tijdens één van de laatste zwemtrainingen ben ik niet voorzichtig genoeg en trek een enorme scheur in mijn wetsuit. Edo van der Meer, die ooit als schoonmaker voor ons werkte, en zich nu probeert te kwalificeren voor de Olympische triatlon tijdens de spelen van 2012 in Londen, verkoopt me zijn super snelle pak. Daarmee komen mijn billen nog verder boven het water, zodat er minder frontale weerstand is. Ik heb er zin in.
Het regent als Ilse en ik een dag voor de wedstrijd onze fietsen naar het parc fermé brengen. Wij onder de paraplu en de fietsen in het plastic, het doet me denken aan Jip en Janneke die samen een spannend avontuur gaan beleven. Jip moet rechts zijn fiets neer zetten en Janneke een stukje verder op. 's Avonds tijdens de pasta party zijn we blij dat we binnen kunnen zitten. Esteban de Spaanse triatleet die in 2009 in 12 en half uur finishte, zit zoals gebruikelijk vrolijk aan het bier. Het wordt niet laat, we willen vroeg slapen. Als ik rond 23.00 uur nog de sportvoeding voor de volgende dag aan het bereiden ben, komen er jongeren aan de deur. Er is een pruimenboom omgevallen op een tent. Nadat het eerste ongeloof heeft plaats gemaakt voor realiteitszin kom ik in actie. Gelukkig zijn de tentbewoners uit eten en inmiddels gebeld door de jonge aanbidders van de mooie dochter. Samen met Stefan, onze onvermoeibare recreatieleider, beginnen we de takken van de boom te zagen en de jeugd brengt die naar buiten de camping. De tenteigenaar met familie en vrienden staan opeens rondom de plaats des onheil, het lijkt wel een theaterstuk zo midden in de nacht.
Vier uur en drie kwartier later gaat de wekker. Ik ben klaarwakker, vandaag mag het gebeuren, we gaan los. Zoals altijd heb ik de wandeling naar de start nodig om mijn darmen te activeren, en natuurlijk is daar de rij te lang. Als ik vederlicht terug kom huppelen, staat iedereen al klaar in zijn zwempak bij de uitgang van het hek. Edo's pak voelt geweldig, ik lijk op tarzan of meer op Johnny Weismüller, in ieder geval doet het me goed. Ik slalom wat door de deelnemers en wil graag bij de Schinkelmannen staan, die zwemmen ongeveer even snel en starten vrij vooraan. Het lukt, we staan op de tweede start rij. Een triatleet hoeft eigenlijk nauwelijks iets met zijn benen te doen tijdens het zwemmen. Het pak zorgt voor de horizontale ligging en de stuwing vanuit de benen is gering. Ik heb dit niet goed onder de knie. Mijn enthousiaste getrappel zorgt voor kramp verschijnselen in mijn linker kuit. Ik probeer me te concentreren maar verval regelmatig in dezelfde fout. Na 1 uur en 1 minuut weer terug op het droge. Dank je Edo voor dit mooie pak.
Op de fiets heb ik de eerste 30 km nodig om het kramp gevoel uit mijn kuit te fietsen. Daarna gaat het gemakkelijk, de col d'Izoard probeer ik op reserve te beklimmen. Het wordt al snel kouder, en op de col is de coördinatie in mijn vingers ver te zoeken. Snel mijn jasje aan en het etenszakje op de rug om af te dalen naar Briançon. Prachtig, de weg is afgesloten voor tegengesteld verkeer, het is genieten. De wervels in mijn nek vinden deze positie wat lastig, sinds de val in 2004 is dat een zwakke plek. Het traject van Briançon naar de muur van Pallon is nooit leuk, de tegenwind is demotiverend hard en de omgeving niet stimulerend. Op de muur staan veel supporters, het tempo zakt naar 10 km/uur maar de moraal stijgt. Even is er geen wind. Later bij het vliegveldje van St Crepin en in de klim naar Reotier blaast hij weer vol op mijn neus en suist het in mijn oren. De Embrunese toegift, de klim vanuit het dorp naar Chalvet gaat naar omstandigheden goed. Jody van Schinkel gaat beter en komt me voorbij. Tijdens de afdaling zijn we weer samen en kleden ons tegelijk om in het parc fermé. Zeven uur 27 minuten, mooi op schema voor een tijd onder de 13 uur.
Tijdens de eerste meters lopen zie ik het drankpostje waar vorig jaar het avontuur eindigde. Niet stoppen, vooral niet stoppen. Na 1.5 km aan de achterkant van het plan d'eau zit er een kleine afdaling in het parcours. De kramp schiet in mijn hamstrings en ik sta geblokkeerd als een oude kerel. Bij iedere beweging wordt het erger. De omstanders willen helpen met stretchen, aardig bedoelt maar ik weiger want ik weet zelf niet eens wat er aan de hand is. Ondertussen komt het doemscenario van opgave dichterbij. Langzaam ontspant de spier zich een beetje en kan ik wat pasjes verzetten en daarna zelfs licht stretchen. Wandelend daal ik verder het belachelijk kleine hellinkje af. Als het weer vlak is probeer ik een schuifelend looppasje. Dit verandert de benadering, de knop gaat op overleven en de finish halen.
Stefan en zijn vader begeleiden me op de fiets en er is heel veel publiek langs de kant van de weg. Bij de camping staan zo veel kampeerders dat ik weer helemaal vleugels krijg. Niet dat het lopen dan veel harder gaat, maar de beleving in het hoofd is volledig anders. Het doel is om niet te wandelen en te blijven lopen. Het eerste rondje gaat dat nog, daarna verander ik de strategie en sta mezelf toe te wandelen op de klimmetjes. Dat is dan ook het moment om iets te eten en te drinken. Deze korte termijn doelen haal ik telkens net. Het is ongelofelijk hoeveel aanmoedigingen er vanuit het publiek komen, het motiveert me om het uit te lopen.
In de laatste kilometer barst het onweer los, in 2 seconden ben ik helemaal doorweekt. Even verder op staan de drie allerliefste meiden van de hele wereld, hand in hand in een gigantische plensbui komen we samen over de finish. Het publiek is slim geweest en heeft onderdak gezocht, Ilse helpt me met het uitchecken uit het parc fermé. Door en door nat maar bijzonder gelukkig dat het af is en ik klaar ben met dit soort idioterie. Dertien uur en 23 minuten. Heel veel dank aan iedereen met wie ik mee mocht fietsen en hardlopen deze zomer. Dank ook voor de fantastische aanmoedigingen tijdens de wedstrijd en vooral dank aan Ilse, Stefanie en Tessa die me altijd motiveren, ondersteunen en me mijn gang laten gaan.
Bert
Olympische afstand
Begin juni nam ik het besluit : ik ga meedoen aan de kwart triathlon van Embrun… Als je vanuit het niets komt, is dit natuurlijk veel te laat voor een degelijke voorbereiding, maar ik ga ervan uit dat mijn basiscondititie genoeg is om de laatste twee maanden specifiek naar dit sportdoel te trainen. Mijn personal coach (lees= Bert Mulder) heeft me in het verleden al vaker met succes geleid naar sportieve successen; diverse marathons staan op mijn CV. Het besluit om mee te doen zet ik direct om in een inschrijving voor de wedstrijd. Pas dan zie ik dat de tijdslimieten per discipline behoorlijk strak staan… ik realiseer me dat ik de lat hoog heb gelegd: dit wordt een serieuze uitdaging!
Het fietsen baart mij het meeste zorgen, gezien de ervaring van 4 jaar terug in Toulon, toen ik mijn eerste en sindsdien laatste triathlon avontuur beleefde. Twee keer de ketting eraf en ik plat op het asfalt….Daar word je niet blij van en de enige conclusie was dat ik nog wat meer moest oefenen voordat ik weer zo'n avontuur aan zou gaan… Weinig ervaring met het verdelen van mijn energie (wanneer en wat eet je onderweg?), op het juiste moment schakelen in de klim en goed stuurwerk in de afdaling zijn zo een paar vaardigheden die ik nog niet goed onder de knie heb. Ik wil daarom maar één ding: elke week dat parcours fietsen! Volgens Bert is dat niet handig, want vooral niet leuk genoeg: rete saai om steeds datzelfde stukje te fietsen! Een afwisselend fietsprogramma is het resultaat. Twee weken voor de wedstrijd rij ik met een clubje goed getrainde mannen het rondje om het meer. Het gaat eigenlijk net iets te hard voor mij en op de terugweg op de brug van Savines le Lac krijg ik kramp in mijn hamstrings. Dat is een nieuwe ervaring! Een beetje rustig aan en het gaat wel weer. Eenmaal thuis voel ik dat ik veel gegeven heb; ik ben kapot!
Omdat het een 'dikke week' is (Bert heeft een periodiek trainingsprogamma voor mij gemaakt) ga ik diezelfde week een tempotraining met Ingrid Prigge lopen, een nationale topper op de marathon in Nederland, die een geweldig trainingsmaatje blijkt te zijn. Onze hond Koda rent met ons mee, maar verprutst de training een beetje omdat hij niet is weg te slaan bij een loops teefje… Het gaat best hard voor mij en de tempohardheid van Ingrid is indrukwekkend: het lijkt wel alsof ze de "croose control" aan heeft gezet! Ik voel mijn kuiten protesteren, maar door geconcentreerd op mijn looppas te letten blijft de kramp gelukkig uit. Toch nog een supertraining! Dank je wel Ingrid!
Ook heb ik de eer om een zwemtraining met Edo van der Meer te doen. Verrast ben ik dat hij al op ons terras staat op het moment dat ik hem wilde gaan ophalen: "Mozes komt wel naar de berg" is zijn nuchtere reactie. Eenmaal in het water zegt hij mij dat hij me slechts paar tips zal geven, anders wordt het wel erg veel om over na te denken…. Ik heb een heftige afwijking naar rechts en dat komt door mijn slag volgens Edo: eigenlijk ben ik gewoon een beetje aan het molenwieken….Hij geeft me een gouden tip voor mijn rechterarm. Ik voel het verschil. Had ik dit eerder geweten! Hoewel ik weet dat ik een slow zwemmer ben, extra geaccentueerd met een dobberende Edo naast mij, gaat het voor mijn gevoel lekker: ik vind het fantastisch dat ik om 07:30 uur met een Olympische kandidaat in het Plan d'eau zwem! Ik geniet! Dank je wel Edo!
Ik sluit de week af met het wedstrijdrondje op de fiets. Mijn doel is om het binnen twee uur te rijden, dus ik informeer de groepsleden dat ik niet ga wachten. Wat nogal komisch is, want in de regel wachten zij op mij… ik bedoel natuurlijk dat ik nergens afstap: het is een serieuze aangelegenheid! Ik vraag aan Erik Raaijmakers, een vaste campinggast en een bere goeie fietser, of hij bij me wil blijven en als een soort tempo aangever wil functioneren. Sociaal als Erik is, doet-ie dat waanzinnig goed: in de klim blijft hij steeds net iets voor mij en in de afdaling laat hij me m'n eigen bochten sturen door achter me te blijven. Op de weg na Savines le lac geeft hij gas en mag ik in de slipstream mee. We rijden de route in 1:48 uur! Wauw! Ik ben super tevreden, ik heb eindelijk het vertrouwen dat het kan gaan lukken om binnen de limieten te blijven! Erik bedankt!
De pijn in mijn kuiten wordt niet minder. Het doet zelfs erg pijn. Hoewel ik weet dat de vorm er is, maak ik me ernstig zorgen over mijn kuiten. Als dit zo blijft, gaat het gewoon niet lukken; met kuiten op hoogspanning kom ik die wedstrijd niet door. Een aardige fysiotherapeut op de camping geeft me een geweldige kuitmassage, maar helemaal weg is het niet. Ook Bert geeft me nog een massage, maar daar geniet ik stukken minder van: ik vlieg tegen het plafond van de pijn!! De coach in kwestie trekt de conclusie dat ik even rustig aan moet doen. Lijkt me een goed idee ja…
En dan wordt de camping mini triatlon georganiseerd door Corné Kool. Vorig jaar een primeur, dit jaar hét campingevenement van de maand augustus. Natuurlijk staat alles in het teken van de lol: meedoen is belangrijker dan winnen! Jong en oud schrijft zich in, het wordt een fantastisch spektakel. Ik twijfel: behalve dat het gewoon leuk is om mee te doen, zou het een prima 'generale' zijn om de wissels nog een keer te oefenen. De pijn in mijn kuiten geeft de doorslag: ik ben bang dat ik mij wil gaan bewijzen voor het oog van de campinggasten, met het risico dat ik iets kapot loop. Met een beetje meewarig gevoel sta ik aan de kant en moedig enthousiast de campinggasten aan.
Twee dagen voor de wedstrijd halen Bert en ik op de motor ons startnummer bij het Salle des fêtes in Embrun. We krijgen een rugzakje met spulletjes en een t-shirt. Dat voelt goed. Eenmaal thuis ga ik meteen beginnen met mijn spullen klaarleggen. Typisch een geval van overconcentratie, want 's avonds constateert Bert broodnuchter dat ik zijn zakje heb uitgepakt en dus van plan was met het verkeerde startnummer weg te gaan…..'s Middags koop ik bij een standje nog een nieuw zwembrilletje. Beetje laat natuurlijk, maar ik ging eigenlijk voor een band met waterflesjes voor het lopen, omdat de organisatie dit jaar een belachelijk systeem met een plastic bekerhoudertje heeft bedacht. Dat zie ik helemaal niet zitten! Ik ben tevreden met mijn aankopen. De dag voor de wedstrijd valt de regen met bakken uit de lucht. In stilte brengen we onze fietsen naar de start. We hebben beiden even niet zo veel tekst. Ik heb spijt dat ik geen fototoestel mee heb; jut en jul in de stromende regen met de fiets aan de hand op weg naar avontuur… Het schept een band.
's Avonds is de pasta party op de camping. Ik moet keihard werken omdat iedereen binnen zit met dit noodweer. Een buffet buiten is nu onmogelijk en dus moet alles in plate-service. Meer dan ooit verlang ik naar de verbouwing van het restaurant die dit soort penibele situaties hopelijk verleden tijd maakt. Als ik aan het eind van de avond Koda nog even uitlaat zie ik een pruimenboom op een tent liggen! Bert komt gelukkig snel in actie samen met behulpzame jongeren en Stefan, onze recreatiemedewerker.
Voor het slapen gaan check ik nog één keer al mijn spulletjes: ongelofelijk wat je allemaal voor "zooi" mee moet nemen! Ik check nog een keer extra het goede startnummer…. Uitgeput lig ik even later in bed. Door de zere voeten van het staan in de keuken en de adrenaline voor de wedstrijd kan ik de slaap niet meteen vatten. Het geeft niet. Uit ervaring weet ik dat ik voor een grote wedstrijd nooit lekker slaap. Toch hoor ik Bert niet uit bed gaan een paar uurtjes later. Ik word iets later wakker van de wekker en ga meteen de kinderen wekken. Die willen graag naar de start kijken van papa. Mijn plan is dat ik me rustig op mijn eigen ding concentreer, maar omdat ik toch de hond moet uitlaten en klaarwakker ben, kan ik het niet laten om ook naar de start van de Embrun man te gaan kijken. Op een afstandje zie ik de atleten het water in stormen. Straks sta ik daar zelf ook…
Om half acht word ik opgehaald door twee andere atleten van de camping en samen lopen we naar de start. Bij de start is een onrustige sfeer. Ik begroet de dames van de triatlonclub van Embrun, die in het zelfde straatje staan als ik. Ik heb niks met die dames, maar vind het wel grappig dat ik in het zelfde triatlonpakje loop met onze campingzon op de rug (we sponsoren de clubkleding!) Ik check nog zeker 4x hoe ik moet lopen als ik uit het water kom en welk laantje ik moet hebben. Aan Menno Iedema, een nationale triatlontopper bij de veteranen in Nederland (Wereldkampioen in 2008) die ook bij ons op de camping staat, vraag ik ook nog een keer waar we het fietsenpark in en uit komen. We zijn onzeker en informeren bij de scheidsrechter. Die weet het ook niet… lekker is dat… Ik laat het los, ik zie wel, gewoon achter de meute aan wordt mijn strategie. Ik wurm me in m'n wetsoot, brilletje op, en ik neem een duik. Het brilletje zit fantastisch. Goeie koop. Here I come!
Tijdens het zwemmen zit ik al snel in de achterhoede. Dat is prima, want nu kan ik tenminste mijn eigen techniek (lees molenwieken) zwemmen. Ik zwem de 1,5km geheel in borstcrawl, wat ik al een hele prestatie vind! Na 40 minuten kom ik het water uit. Rennen naar het goede laantje over de houten vlonders,wat pijn doet aan m'n blote voeten! Wat een end nog zeg! De wissel gaat bijzonder soepel en ik zit zomaar op m'n fiets. Nu de juiste versnelling vinden voor de klim. In de verte hoor ik het gejoel van de aanmoedigingen. Ik geniet: dit is echt leuk! Het klimmen op de fiets gaat verrassend gemakkelijk. Ik maak geen enkele schakelfout en haal zelfs aan het eind van de klim wat fietsers in. Dit geeft vertrouwen! Bij St Appolinaire zie ik dat ik de tijdslimiet ruim ga halen, wat maakt dat ik zeer relaxed aan de afdaling begin. Gezien de eindtijd had ik hier achteraf gezien wel wat harder op de pedalen kunnen trappen! Op de route nationaal stuit ik op een mannelijke wielrentoerist die er lol in heeft mij een flink stuk uit de wind te houden. Heb ik even mazzel! Aangekomen in fietsenpark zie ik dat mijn tijd niet super is: 1uur54. Valt een beetje tegen… Niet erg, nu gewoon lekker gaan lopen! Zo snel mogelijk mijn loopschoenen aan, petje op, drinkbelt om en gaan! Al snel sluit een goede Franse vriendin van mij zich bij mij aan. We hebben veel samen getraind, maar zij durfde de wedstrijd niet aan. Diskreet, om de scheidsrechters niet boos te maken, loopt ze een flink stuk van het parcours met mij mee. Op de dijk langs de Durance achter de camping staan Tessa en Stefanie met nog honderd campinggasten die allemaal de longen uit hun lijf schreeuwen met aanmoedigingen. Dit is helemaal super! Ik kom daar twee keer langs, en geniet met volle teugen van deze vocale ondersteuning.
Bijna met gemak loop ik de 10 km uit in 52 minuten. Ik vind het jammer dat het af is… ik ben wel moe, maar zeker niet kapot. Had ik dan toch harder gekund? Ik denk het wel, maar deze gedachte is voor nu niet constructief. Het nagenieten kan beginnen. In een soort legertent staat een legertje fysiotherapeuten tot onze service. Eén van hen is een dochter van een (andere) Franse vriendin die mij met een brede glimlach uitnodigt voor een ontspannende massage. Ik laat het mij welgevallen. Daarna pak ik al mijn spulletjes in het krat dat ik balancerend op het stuur van mijn fiets aan de hand lopend naar huis neem. Thuisgekomen wacht een warme douche. Honger heb ik niet, maar ik weet dat het voor het herstel goed is nu wat te eten. Een flinke bol yoghurt met muesli is toch wel lekker.
Daarna vraagt het werk alweer aandacht: hoewel we ons team goed voorbereid hebben om onze taken een paar uur over te nemen, is het toch wel handig dat ik even op de receptie ben. Daarna stap ik op de fiets om de wissel van Bert te gaan kijken. De timing is perfect. Na even wachten zie ik hem aankomen. Een supersnelle wissel en zijn 1e rondje om het plan d'eau is begonnen. Ik installeer me aan het eind van het eerste rondje. Wat duurt het lang… ik maak me zorgen: nee hè, niet weer opgegeven toch? Gelukkig komt-ie er dan aan en ziet mij meteen in de menigte. Geweldig dat hij even stopt en mij vol op de mond zoent om me te feliciteren met mijn prestatie. Het publiek joelt en ik voel mij zielsgelukkig in het moment.
Natuurlijk loopt ook Bert deze keer de wedstrijd uit. Bij de finish kan hij nauwelijks nog op zijn benen staan en zijn ogen liggen diep in zijn kassen, wat een teken van zware vermoeidheid verraad. Het is niet erg. De voldoening is groot, het herstel zal snel komen. Mission completed! Een zeer geslaagde dag, een supersportspektakel, een gelukkige vrouw. Dank jullie wel!
Ilse
|